Ernst Kleisterlee

Over geboorte, ouderdom, ziekte en dood

Categorie: Blog

Tot god bidden om van hem leeg te worden…

Een citaat uit het werk van Meister Eckhart, ergens rond 1300 in Duitsland geschreven. Het werk van deze Dominicaner monnik doet me vaak aan dat van de Boeddha denken. Die sprak 1800 jaar voor Eckhart ook over de leegte. Zijn stelling is: lijden lost op, wanneer de geest zich de leegte realiseert.

Wat bedoelde de Boeddha met ‘leegte’?
Ik denk dat hij zag, dat de werkelijkheid leeg is van onze concepten, systemen, ideeën, beschouwingen e.d.. Weliswaar zijn de concepten etc,  als de scheppingen van onze geest, in de wereld, maar de wereld is niet in de concepten te vinden. De scheiding en ‘verdinging’ die we met onze tweedelingen in de oneindige stroom der dingen aanbrengen is de bron van alle lijden. Ook het opdelen van de werkelijkheid in God en ‘de rest’ is daarvan een voorbeeld.

cropped-Caspar-David-Friedrich-monk-by-the-sea.jpg

De Boeddha spreekt –net als Eckhart – over het pad van ontlediging, het systematisch werken aan de realisering van de leegte, of –andersom gezegd- aan de onttakeling van wat boeddhisten ‘ego’ zijn gaan noemen, het ego van ‘zelf’ en het ego van ‘ander’.
‘Ontlediging’ gaat dan over het loslaten van de subject/object illusie, van de gedachte dat we vanuit gescheidenheid iets definitiefs, iets finaals of iets essentieels over onszelf of de wereld zouden kunnen zeggen, alsof dat wat spreekt er zelf buiten staat: ‘alle praat over boven komt van beneden’, om een hedendaags theoloog (Kuitert) te parafraseren.

Dat pad van ontlediging kun je prachtig typeren met ‘tot god bidden om van hem leeg te worden’. Dat probeer ik via het boeddhisme te lopen. Het is geweldig om te zien, dat ook in andere levensbeschouwingen mensen dat pad voor mij volledig herkenbaar gaan. Dat geeft weer zo’n mooie ervaring van verbinding…

‘Het pad’ als veranderende werkelijkheidsbeleving

Veranderen

De werkelijkheid waarin wij leven verandert voordurend, dat is een open deur.
‘Alles verandert, niets staat stil’: de oude Grieken schreven er al over.
Maar ook de manier waarop wij onze werkelijkheid beleven verandert steeds.
Onze gedachten en emoties spelen in die beleving van de werkelijkheid een belangrijke rol.
Wat we gisteren nog voor begerenswaardig hielden, komt ons vandaag als saai of achterhaald voor, en zaken die we vroeger voor waar hielden doen we nu hoofdschuddend af.
Onze werkelijkheidsbeleving verandert dus door externe en interne factoren.

Levensfasen

Je kunt onze beleving van de werkelijkheid zien veranderen naar de levensfase waarin we verkeren. Van de werkelijkheidsbeleving die we er in onze jeugd op na hielden, is na een aantal jaren niet veel meer over: de meesten van ons zien geen kabouters of feeën meer, ook Sinterklaas bleek niet te bestaan, en onze ouders waren niet echt die reuzen die ons voor ieder onheil konden behoeden. En de manier waarop we als adolescent, jong volwassene en zo verder onze werkelijkheid beleefden: wanneer we er eenmaal op terug kunnen kijken komen veel van onze gedachten en gevoelens ons wel bekend, maar niet meer erg passend of logisch voor. Niet alleen de dingen veranderen dus, maar ook hoe wij ze waarnemen.

Zelfsturing van onze werkelijkheidsbeleving

Kunnen wij de manier waarop wij onze werkelijkheid beleven zelf beïnvloeden?
De psychologie suggereert ons dat dit kan. Wanneer een angstige of overbezorgde levenshouding ons evenwicht bedreigt, of juist wanneer een overmaat aan energie ons tot een last voor onze omgeving maakt: dan zoeken we naar handelswijzen of zelfs behandelingen (‘therapieën’) die ons helpen rustiger en evenwichtiger mensen te worden. We kunnen er dus voor kiezen onze beleving van de werkelijkheid gericht en doelbewust te beïnvloeden.

Sturen waarheen?

Maar ‘beinvloeden’ of zelfs ‘sturen’: welke kant dan op, en hoe?
Laten we er voor het gemak van uitgaan, dat onze werkelijkheidsbeleving zich, van dag tot dag en uur tot uur, heen en weer beweegt op de denkbeeldige as tussen twee polen: die van de ervaring van heelheid, en die van de ervaring van gebrokenheid. In het ene uiterste doet de werkelijkheid zich aan ons voor als ‘pure verbinding’, met de daarbij horende ervaring van grote vreugde. In het andere uiterste ervaren we de werkelijkheid als een bron van nooit aflatend lijden…En (gelukkig?) verkeren we over het algemeen ergens in het midden tussen deze twee polen. Mij lijkt, dat we onze werkelijkheidsbeleving willen sturen naar de ervaring van ‘heelheid’.

androgino-aurora-consurgens-libro-del-s-xv

Twee wegen

Als we streven naar de ervaring van heelheid, dan dienen zich twee wegen aan.
Ik noem de ene ‘het materiële pad’, en de andere ‘het spirituele pad’ Het pad dat we in ons leven feitelijk bewandelen heeft altijd iets van beide…

Het materiële pad gaat ervan uit, dat we onszelf en onze buitenwereld zodanig kunnen ‘bewerken’, dat er een situatie van continue behoeftebevrediging ontstaat. Als we maar voldoende kennis en sociale vaardigheden opdoen, kunnen we met de mensen en dingen om ons heen in een verhouding leven, die ons alles brengt wat we nodig hebben. We leren dan te verkrijgen wat we menen nodig te hebben, en te vermijden wat ons niet goed uit lijkt te komen. Sleutelwoorden hier zij kennis, vaardigheden, succes, beheersing, macht.
Het spirituele pad gaat ervan uit, dat wij onszelf en de wereld nooit voldoende kunnen kennen en beheersen om succesvolle manipulatie van beide te realiseren: wij zijn onszelf ten diepste vreemd, en de wereld blijft ons met het onverwachte verrassen: op die ‘cakewalk’ is geen stabiliteit te grondvesten. Het spirituele pad gaat uit van de constatering, dat de ervaring van ‘heelheid’ zich onder zowel gunstige als ongunstige materiële omstandigheden kan voordoen.
Het gaat ervan uit, dat we kunnen leren om zowel voor- als tegenspoed in ons leven ‘als sieraden te dragen’, om een Tibetaanse meditatiemeester te citeren. Sleutelwoorden hier zijn overgave, inzicht, geduld, zachtmoedigheid en levensmoed.

De spirituele weg

We zijn in het westen sinds de Renaissance erg op het materiële pad gaan mikken. Dat heeft ons enorm veel voordeel gebracht. Maar we komen er nu zo langzamerhand achter, dat een te grote nadruk daarop leidt tot geweld ten opzichte van het milieu en tot verwaarlozing van de menselijke behoefte aan de ervaring van verbondenheid en geestelijke groei.
Het materiële pad lijkt ten diepste gefundeerd op de diepe ervaring van gebrokenheid die het juist probeert op te lossen!
Het spirituele pad wijst ons de ‘innerlijke weg’: werken met onze beleving van de werkelijkheid, dus met onze geest. Hoe kunnen we onze geest beïnvloeden in de richting van grotere helderheid en compassie: dat is dan de centrale vraag.
Daarover in een volgende blog meer.

EK, oktober 2014

Geraadpleegde literatuur:

‘Contemplatieve psychologie’, door dr. H.F. de Wit, Agora/Pelckmans, 2000
‘De verborgen bloei’, door dr. H.F. de Wit, Kok Agora, 1999

Brandend hart

Kurukulla

In ons allemaal brandt het verlangen naar het open hart: de ervaring van intiem contact met alles dat leeft en ooit geleefd heeft. Wanneer we vanuit die ervaring leven, voelen we ons geïnspireerd: we ervaren gedragen te worden door een golf groter dan wijzelf. We zetten nieuwe dingen in de wereld, en verspreiden het licht van openheid en compassie om ons heen. Wanneer we niet kunnen leven vanuit die ervaring verliezen we onze energie, we lopen ‘door de stroop’, we komen niet meer tot nieuwe dingen: ons leven begint ons een last te worden…..We kunnen onszelf en elkaar helpen de weg (terug) te vinden naar dat open hart.

‘Tot God bidden om van Hem leeg te worden’

Een citaat uit het werk van Meister Eckhart, ergens rond 1300 in Duitsland geschreven. Het werk van deze Dominicaner monnik doet me vaak aan dat van de Boeddha denken. Die sprak 1800 jaar voor Eckhart ook over de leegte. Zijn stelling is: lijden lost op, wanneer de geest zich de leegte realiseert.

Wat bedoelde de Boeddha met ‘leegte’?
Ik denk dat hij zag, dat de werkelijkheid leeg is van onze concepten, systemen, ideeën, beschouwingen e.d.. Weliswaar zijn de concepten etc,  als de scheppingen van onze geest, in de wereld, maar de wereld is niet in de concepten te vinden. De scheiding en ‘verdinging’ die we met onze tweedelingen in de oneindige stroom der dingen aanbrengen is de bron van alle lijden. Ook het opdelen van de werkelijkheid in God en ‘de rest’ is daarvan een voorbeeld.

De Boeddha spreekt –net als Eckhart – over het pad van ontlediging, het systematisch werken aan de realisering van de leegte, of –andersom gezegd- aan de onttakeling van wat boeddhisten ‘ego’ zijn gaan noemen, het ego van ‘zelf’ en het ego van ‘ander’.
‘Ontlediging’ gaat dan over het loslaten van de subject/object illusie, van de gedachte dat we vanuit gescheidenheid iets definitiefs, iets finaals of iets essentieels over onszelf of de wereld zouden kunnen zeggen, alsof dat wat spreekt er zelf buiten staat: ‘alle praat over boven komt van beneden’, om een hedendaags theoloog (Kuitert) te parafraseren.

Dat pad van ontlediging kun je prachtig typeren met ‘tot god bidden om van hem leeg te worden’. Dat probeer ik via het boeddhisme te lopen. Het is geweldig om te zien, dat ook in andere levensbeschouwingen mensen dat pad voor mij volledig herkenbaar gaan. Dat geeft weer zo’n mooie ervaring van verbinding…

Biografie van Eckhart, klik hier

Literatuur

1. ‘Eckart nu’, een bundel onder redactie van Oek de Jong en Jaap Goedegebuure, 2010
2. ‘Over god wil ik zwijgen’, Preken en traktaten van Meister Eckhart vertaald door C.O. Jellema, 2010
3. ‘Leven zonder waarom – eenvoud bij Meister Eckhart’, Welmoed Vlieger, website

leegte

Soms ontvalt je ineens alles, waarop je dacht te kunnen rekenen.
Je verliest je werk, je gezondheid, partner of kind; je verliest misschien een zelfbeeld of wereldbeeld of een andere sterke overtuiging waarop je je leven bouwde.

Onze gebruikelijke reactie is dan: overspringen op een andere zekerheid, geen gat laten vallen, direct weer opstaan en op het volgende paard wedden.  Maar soms lukt dat niet: je verkeert –een uur, een dag, een maand, een jaar- in de leegte.

spaceDie leegte biedt geen referentiepunt. Waar je ook kijkt, je vindt geen houvast. Niets maakt verschil, er is niets waaraan je je denken, voelen of handelen kunt vastmaken, je hebt de fysieke ervaring steeds door bodems heen te vallen, door de leegte te suizen.  Om met meditatiemeester Trungpa te spreken: ‘we’re falling through space, no parachute, nothing to hang on to…’

Die ervaring van leegte baart enorm veel energie. Die kan zich op twee manieren uiten:

als we erg vastzitten aan het verleden, dan uit die energie zich als angst, paniek en agressie.  We zijn bereid om desnoods de derde wereldoorlog te ontketenen om onze oude, vertrouwde zekerheid vast te houden of, tegen de stroom in, te herbouwen.

Als we wat soepeler zijn, kunnen we die energie aanwenden om een stap vooruit te zetten in bewustzijn, spreken en handelen. We ontdekken mogelijkheden voor een nieuw en meer zinvol leven voor onszelf en anderen, we worden ruimhartiger, zachtmoediger en dapperder mensen.

We maken nu een tijd mee, waarin mondiaal heel veel mensen heel veel verliezen van wat zij voor zeker hielden.  Dagelijks ervaren die de keus: agressie of zachtmoedigheid?
Onze tijd vraagt om een keuze voor groei in dapperheid en zachtmoedigheid.
Laat dat het pad zijn dat we kiezen!

 

Opnieuw geboren worden

De moed opbrengen om steeds weer opnieuw geboren te worden: dat wil ik leren.
Iedere ochtend niet-wetend wakker worden: met een woud aan herinneringen, beelden en inzichten, maar zonder enige binding daaraan, zonder conclusies te trekken uit deze herinneringen, of ze hoe dan ook te projecteren op het heden. Gisteren is immers slechts een herinnering, een fabricaat van het geheugen, en de toekomst: ach, resultaten uit het verleden bieden echt geen enkele waarborg voor de toekomst…

Kan ik dan helemaal leeg in het huidige moment staan?
Natuurlijk breng ik een erfenis mee uit het verleden.
Mijn zintuigen, de poorten van mijn contact met de wereld, zijn het resultaat van miljarden jaren oorzaak en gevolg. Dat ik zie (hoor, ruik, voel, proef en denk) en hoe ik zie (etc.), dat is het resultaat van die evolutie, en van het topje van die ijsberg dat ik mijn leven noem. Dat is de erfenis die ik in het heden breng.

Maar ik wil mezelf niet zien als een patroon dat gedoemd is zichzelf te herhalen.
In mij is een wil werkzaam die steeds naar open ruimte zoekt, die onafhankelijk van het verleden wil zien, en vanuit die onafhankelijkheid wil handelen. Maximale vrijheid verwerven om vanuit die wil te werken, dat is waar mijn leven om draait.

Boeddhisten spreken vaak over bodhicitta, leven vanuit het hart van de Boeddha.
Psycholoog, schrijver en leraar Han de Wit vertaalt dat in ‘leven vanuit “fundamentele menselijkheid”’: de ervaring van aangeboren levensmoed, levensvreugde, compassie en heldere nieuwsgierigheid. Daarnaar iedere keer opnieuw te zoeken: dat is het pad.

Literatuur:

1. ‘De verborgen bloei’, Han F. de Wit, 1993
2. ‘Het open veld van de ervaring’, zelfde schrijver, 2008

Leergang: leven met ouderdom, ziekte en dood

Op een dag werd ik ineens geconfronteerd met de realiteit van ouderdom, ziekte en dood. Ja, ik wist ook daarvoor al, dat alles wat leeft gaat sterven, maar nu drong het ineens door: ook ik ben stervende, het is alleen maar een kwestie van tijd, en als ik goed kijk, zie ik dat mijn hele leven heeft bestaan uit ontstaan en vergaan, en dat ik ook nu weer aan het uit elkaar vallen ben…

Natuurlijk, eerst deed ik alles om aan dat besef te ontkomen: ik dook onder in plannen, projecten en voorstellingen die me -voor kortere of langere tijd- konden betoveren. En dat was prachtig, want mede uit die waan is in mijn leven veel tot vorm gekomen.  Maar op een gegeven moment lukte het gewoon niet meer om voor onvergankelijk te verslijten wat voorbijgaat, of voor vermijdbaar te houden wat onontkoombaar blijkt…

Zowel uit mijn binnenwereld (dromen, gedachten, herinneringen) als uit de buitenwereld drong de werkelijkheid van radicale vergankelijkheid zich steeds onverhulder aan me op. Wat te doen met die onontkoombaarheid? ‘If you can’t beat them, join them’! En dat is een gouden keus gebleken…

Ik stapte op het ‘pad van vergankelijkheid’. Voetje voor voetje leerde ik zien dat de schoonheid van de bloem juist bestaat uit zijn vergankelijkheid, en dat het vuurwerk van het leven juist zo mooi is omdat het verrijst tegen de zwarte achtergrond van het niets, en daarnaar terugkeert. Dat pad is voor mij ook een pad van bevrijding geworden: ik hoef niet meer te dansen naar het pijpen van mijn doodsangst…Voor mij is dat pad steeds meer samengevallen met het pad van de boeddha, de man die de ervaring van vergankelijkheid centraal stelde, maar het pad van vergankelijkheid kun je op 1000 verschillende manieren lopen…

Mijn ervaringen heb ik verwerkt in een ‘leergang leven met ouderdom, ziekte en dood’. Die leergang hebben we de afgelopen vier jaar met 100 studenten gedeeld, en is mede ontwikkeld met psychologe en hoogleraar Dian Marie Hosking en psychologe en psychotherapeute Gerdy van Bellen. Daarbij heb ik van Dian Marie veel geleerd over durven werken met leegte en de ervaring van ‘inter connectedness’. Van Gerdy heb ik vooral haar heldere en niet oordelende bewustzijn leren waarderen, en het speelse element dat ze in alle leergangen wist te introduceren. Hen beiden ben ik zeer dankbaar voor de wijsheid (en de humor!) die ze met mij deelden. Over mijn inbreng in de leergang wil ik nog schrijven, dat deze sterk is beinvloed door het werk van psycholoog en leraar Dr. Han de Wit, vooral door zijn boeken ‘de verborgen bloei’ en ‘contemplatieve psychologie’. Ook voor zijn meditatiebegeleiding en coaching op het pad ben ik Han grote dank verschuldigd.

In onze leergang werken we veel met mindfulness en stilte. We besteden veel tijd aan ervaringen met en herinneringen aan ‘ouderdom, ziekte en dood’.  We delen onze ervaringen in respect, en zetten onze dialogen daarover in het teken van ‘spreken en luisteren uit het hart’. Ook werken we met visualisaties, lichaamswerk en rollenspellen. Je bent van harte uitgenodigd om mee te doen!

De realiteit van ouderdom, ziekte en dood.

De realiteit van ouderdom, ziekte en dood.

 

De ervaring van het heilige

William Blake was een Engelse tekenaar, schilder en dichter, die rond 1800 zijn mooiste werken maakte. Zijn werk heeft een sterk mystieke inslag: hij werkte vanuit de ervaring van ‘het heilige’.

Zijn kunst werd enorm bewonderd door veel van de dichters en schrijvers waarmee ik opgroeide: Allen Ginsberg, Bob Dylan,  Aldous Huxley.  Net zoals hij waren ook zij op zoek naar een hedendaagse en authentieke uitdrukking van de ervaring van het heilige. Maar ook nu nog inspireert zijn werk kunstenaars de moed te vinden te blijven zoeken naar de ervaring van het heilige.

Moderne bewerking van het werk van William Blake

Korte biografie van William Blake

william blake_dante_inferno_i

We sterven iedere dag een beetje. En dat is maar goed ook, want zo wennen we vast aan de grote dood, die op ons wacht. Iedere verloren illusie, iedere verloren identiteit, iedere vriend en vriendin die ons verlaat, de kinderen die het huis uitgaan, de baan die we verliezen, onze ouders die ons ontvallen: partir, c’est mourir un peu.

Het klinkt misschien gek, maar al dat verlies heeft naast een heel pijnlijke ook een erg positieve kant: verliezen geeft vrijheid. Vrijheid om te ervaren dat de stroom van het leven gewoon doorgaat, vrijheid omdat de Onmisbaar Gewaande langzaamaan blijkt op te gaan in de mist van de tijd, vrijheid om opnieuw te kiezen voor wat echt belangrijk is, vrijheid van oude verplichtingen, vrijheid tot nieuwe waarden.
Veel van de vrijwillige stervensbegeleiders die ik train vertellen over de ervaring van ‘heiligheid’ die ze bij een sterfbed hebben: die ervaring dat alle ‘gedoe’ wegvalt, een ervaring van helder zicht, een sterke ervaring van verbinding met het onzegbare, een ervaring van “Sacred outlook”, zoals we in mijn traditie zeggen. Dat kan verlies ook bewerkstelligen.

We hebben dus een heel leven om te wennen aan het sterven; laten we dat maar ‘het pad’ noemen. Hoe dichter we bij die laatste drempel komen, des te groter kan de ervaring van loslaten, van vrijheid, of van ‘doodloosheid’ zoals de Boeddha het noemde, worden. Tenminste, als je je daarin oefent. In de Vajrayana traditie waartoe ik mezelf reken worden we sterk aangemoedigd de onontkoombare realiteit van onze dood onder ogen te zien. Daarmee lopen we rechtstreeks in het spoor van de Boeddha, die zijn studenten vroeg zich het uiteen vallen van het lichaam na de dood zo gedetailleerd mogelijk voor te stellen.

Doet u dat ook eens, zou ik zeggen. Denk eens na over alles wat u al ontvallen is… Stel u eens voor, dat alles wat u nu nog lief is u komt te ontvallen… Ja, dat doet pijn, want we denken alleen in gehechtheid te bestaan. Dat lijden kunnen we leren opgeven, door steeds meer vrijheid te ervaren, en daarmee vertrouwen te ontwikkelen in de leegte, die ons gebaard heeft, en ons ook weer op zal nemen.

Dat is niet erg: dat is prachtig!

© 2019 Ernst Kleisterlee

Theme by Anders NorenTop ↑